© 2017 Gina Vodegel

                           De Markten van Maastricht 

"Kernzaken" Centrum Management Maastricht (2001) 

 

Maatwerk gevraagd van de Markten van Maastricht

De markten in Maastricht staan onder druk. Er is sprake van een tanende belangstelling bij de woensdag- en vrijdagmarkt rond het Stadhuis. De biologische markt op donderdag in de Stationsstraat groeit uit haar jasje. En dan is er nog de antiekmarkt op zaterdag. Een inventarisatie.

Maastricht is gezegend met een aantal prachtige pleinen die wanneer men er letterlijk bij stilstaat, ruimte bieden aan een figuurlijk vergezicht. Het monumentale schuilt dan niet louter in de omringende panden of in de fysieke grootsheid van zo'n plein dat dienst doet als kloppend hart of stuwende ader van het stadse bestaan. Een denkbeeldige brug tussen verleden, heden en toekomst markeert de evolutie van het lokale leven en soms spijtig genoeg een neerwaartse spiraal. De Markt aan de voet van het Stadhuis fungeert van oudsher als handelsplaats voor de warenmarkten op woensdag en vrijdag. De tand des tijds heeft echter merkbaar huisgehouden. Alhoewel de geest van de vrije markthandel nog steeds met respect bejegend wordt, is een ingrijpen van de gemeente Maastricht onafwendbaar. De toekomst van de Maastrichtse warenmarkt is allesbehalve vanzelfsprekend. In 1998 werd na duidelijke signalen - dalend aantal bezoekers, dalende omzetten - een onderzoek verricht door een onafhankelijk adviesbureau, Noordam & DeVries. In oktober 2000 werd met een slotakkoord in de vorm van een publieksonderzoek, de toon gezet voor een hernieuwde benadering van de Maastrichtse warenmarkten in economisch, politiek, sociaal en historisch opzicht. Waar belangen uiteenlopen, zijn deze elementen nauw verweven en daarom als één geheel te bezien.

 

Kwaliteitsverbetering

Het onderzoek in 1998 was gericht op kwaliteitsverbetering en nam niet alleen de Maastrichtse warenmarkt onder de loep. Er werd onderzoek gedaan onder gemeentelijke beleidsverantwoordelijken en marktondernemers. Ter vergelijk en voor een landelijk beeld werden 22 ambtenaren van andere gemeenten geïnterviewd, met interessante resultaten. Grote steden zoals Amsterdam, Den Haag en Rotterdam kampen met dezelfde problematiek die zich in Maastricht manifesteert. Begrippen als beleid op lange en korte termijn, welwillendheid van betrokken partijen of juist een gebrek daaraan liggen ten grondslag aan de noodzaak van een dialoog. Knelpunten zijn onder meer: veranderend consumentengedrag, de behoefte aan voldoende goedkopere parkeergelegenheid en de beperkte openingstijden. Daarnaast speelt een complex gegeven met betrekking tot het vrije vraag-en aanbodspel tegenover bemoeienis van de plaatselijke overheid die wellicht vanuit politieke aspecten reglementen aanpast, opheft of initieert. Het publieksonderzoek van oktober 2000 richtte zich op bezoekers, ex-bezoekers en niet-bezoekers van de Maastrichtse warenmarkt op woensdag en vrijdag. De voornaamste redenen waarom mensen de markt niet of niet langer bezoeken zijn gebrek aan tijd en gewijzigde persoonlijke omstandigheden zoals verhuizing en ouderdom. Maar de drie onderzochte groepen gaven unaniem aan dat de markt een sterk sociale rol vervult en geenszins mag verdwijnen uit het Maastrichtse stadsbeeld. Een marktbezoek wordt immers vaak gekoppeld aan een dagje uit met een hapje eten en wat drinken. Centraal staat, zo blijkt ook uit het onderzoek, de gezelligheid. Het ongedwongen karakter van de warenmarkt is zelfs bij de niet-bezoeker goed ingeprent.

Vrije handelaar

In romantische zin is de marktkoopman sinds mensenheugenis een vrije handelaar die zonder vaste vestigingsplaats van stad naar dorp trekt om zijn waar te verkopen. Het is een individualist gericht op eigen hachje met weinig bindingszin of behoefte zich te conformeren aan gemeenschappelijke doeleinden. Dat laatste kwam ook in het onderzoek aan de orde. Hennie Vroegop, 26 jaar en vierde generatie marktondernemer denkt er het zijne van: " Het is te begrijpen dat mensen een bepaald beeld hebben van markthandelaren. Ik kom zelf uit een familie die al sinds generaties op de markt staan met groente en fruit. De vader van mijn opa kwam vroeger lopend met de handkar. Wij zijn bekend in Maastricht en omstreken, vraag een willekeurige voorbijganger maar naar de Bananenboxer." Vroegop ziet wel degelijk toekomst in de markt: " Het voordeel van de markt is dat je kunt uitbreiden, veranderen. Vroeger lagen er bijvoorbeeld stapels bloemkolen, prei en aardappelen op de markt. Bepaalde groente en fruit was schaars of snel aan bederf onderhevig dus dacht je als handelaar twee keer na voordat je er grote partijen van inkocht. Nu maakt dat niet uit, de voorzieningen zijn gemoderniseerd. Er zijn koelsystemen voor de vrachtwagens, de opslag is uitgerust met sorteerbanden en dergelijke." Hij heeft vertrouwen in de markt: " Ook wij gaan uitbreiden, een nieuwe hal bouwen met koelingen en snijruimten voor bijvoorbeeld soepgroenten. Omdat we leveren aan winkels, restaurants en hotels. Maar de verkoop op de markt, dat blijft onze basis."

 

Maastrichtse traditie

In een gesprek met wethouder John Aarts en Astrid Ciechorski (hoofd afdeling Markt, Haven en Parkeerzaken van de gemeente Maastricht) wordt duidelijk dat sinds de resultaten van het eerste onderzoek in 1998 bekend werden, concrete maatregelen zijn getroffen ter verbetering van de warenmarkt en diens aantrekkingskracht. De consument is volgens wethouder Aarts de belangrijkste doelgroep van de veranderingen. " Wij denken niet zozeer aan de belangen van de marktondernemer, maar aan het welzijn van de consumenten. Voor hen moet het prettig zijn op de Maastrichtse warenmarkt rond te lopen, het is een stukje Maastrichtse traditie, dat willen we graag in ere houden." Het aantal meldingen van zakkenrollers tijdens marktdagen is teruggebracht tot nul door een intensieve campagne en inzet van het politieapparaat en de stadswachten. De vestiging van het Binnenstadshuis bevordert niet alleen een wederzijdse communicatie tussen gemeente en consument, maar versterkt het vertrouwen dat als er iets misgaat er op slechts enkele meters een balie is waar men terechtkan met klachten of vragen. Maar hoe is de verhouding met de markthandelaren? Astrid Ciechorski: " Het kost heel veel moeite om mensen te bewegen hun medewerking te verlenen of zelfs maar enig vertrouwen te geven in de wijze van aanpak die vanuit onze visie noodzakelijk was. De markthandelaren zijn een heel ander type mens en ondernemer. Ze zijn gewend aan een mechanisme dat het zich vanzelf wel allemaal regelt. Toen wij als gemeente een reorganisatie van de warenmarkt inzette en als het ware schoon schip maakte, ging dat niet zonder slag of stoot."

 

Vriendjespolitiek

Hennie Vroegop: " Een tijd terug is er beleidshalve grote schoonmaak gehouden om vriendjespolitiek tegen te gaan, er zijn nu andere marktmeesters. Dat is op zich wel goed, maar het strikt aan de regels houden kweekt geen vertrouwen. Ik begrijp ook dat het van twee kanten moet komen en dat het tijd nodig heeft. Voor sommige marktondernemers is het voldoende als ze hun kraam maar hebben en hun omzet halen. Vaak is dat hun grootste zorg en ook de enige zorg die ze willen. Ik heb met mevrouw Ciechorski soms heftige discussies gevoerd over wat ik belangrijk vind voor de markt. Ik denk dat we elkaars standpunten nu wel begrijpen en respecteren. Het klopt dat het moeilijk is de marktondernemers georganiseerd te krijgen. Het kost veel tijd om ze ergens van te overtuigen." Met het Maas-Markt plan - beoogde realisatie in 2006 - in gedachten is de vraag welke rol er aan de warenmarkt wordt toebedeeld niet overbodig. Wat vaststaat is dat de indeling van het marktplein wijzigt, dat het plein aan ruimte zal verliezen, maar dat de warenmarkt er gevestigd blijft. Vijf jaar de tijd voor én een nieuw uiterlijk én een intrinsieke metamorfose? Wethouder Aarts: " Een direct gevolg van het onderzoek naar kwaliteitsverbetering is het branche besluit waarmee enige controle kan worden uitgeoefend op het aanbod van artikelen en producten. Ongeacht de wachtlijst die tot op heden het toewijzen van een marktplaats bepaalt, kan volgens een dergelijk besluit een handelaar in bijvoorbeeld kinderspeelgoed voorrang genieten boven een handelaar in textielstoffen. Deze mag weliswaar bovenaan de wachtlijst staan, een evenwichtige diversiteit en goede verdeling van het aanbod zal dé richtlijn voor de toekomst worden."

 

Vismarkt

Dit besluit zal overigens weinig afbreuk doen aan het succes van de vismarkt die een geheel eigen positie inneemt op de vrijdagmarkt. Gezien de zuidelijke en inlandse ligging is dit succes best verrassend, maar zeer welkom om de vraagstukken rond de warenmarkt enigszins in balans te brengen. Astrid Ciechorski: " Uit onderzoek blijkt dat de Maastrichtse vismarkt zeer hoog scoort in punten van waardering. Hoe vreemd het ook klinkt, want Maastricht is geen havenstad waar je een levendige handel in zeebanket verwacht. Desondanks schijnt het aanbod van verschillende vissoorten en aanverwante waar in Maastricht uniek te zijn voor Nederland en komen de klanten zelfs uit Frankrijk. Uiteraard ervaren wij dat als zeer positief en zegt dat iets over de ambiance van de stad. Vandaar dat we hopen dat ook de rest van de warenmarkt zich navenant ontwikkelt."

 

Biologische markt

Maastricht kent naast de warenmarkt op woensdag en vrijdag nog twee andere markten. De biologische markt op dondermiddag tussen twee uur 's middags en half zeven 's avonds en de zaterdagse antiek- en vlooienmarkt, beide op verschillende locaties aan de Stationsstraat in Wyck. Deze markten blijken uit het onderzoek van Noordam & De Vries wel bekend bij een groot publiek, het gros echter heeft zelden of nooit in de gelegenheid ze te bezoeken. De populariteit van biologische producten is stijgende, de ruimte voor zowel kramen als klanten neemt af. De gemeente zal zich waarschijnlijk moeten buigen over een serieus voorstel de biologische markt elders onder te brengen. Tiny Goossens van Natuurbakkerij Geleen staat praktisch vanaf het begin op de biologische markt met brood en banket. " Deze markt is er nu zo'n vijf á zes jaar. De eerste twee jaar ben je bezig met opbouwen en probeer je nergens op te rekenen. Kiezen voor biologisch voedsel is namelijk een bewuste keuze. De laatste jaren is er de ene voedselcrisis na de andere, gekke koeienziekte, varkenspest, MKZ .. wij merken hier dat mensen anders gaan denken. De mensen willen écht de smaak van tomaten proeven, zonder toegevoegde chemische middelen." Dat betekent dat er een sprake is van een toenemende populariteit van de biologische markt, zowel bij ondernemers als klanten. Goossens: " Als alle kramen er zijn, staat dit pleintje helemaal vol. Kaas, groente, brood en banket, biologische Limburgse wijnen, een zuivelkraam, plantjes .. ééns per maand een kraam met biologisch dierenvoer, Het wordt een beetje krap, de mensen hebben weinig ruimte als het druk is. Mijn collega John (Stichting Biologische Boeremèrt Limburg) is in gesprek met de gemeente over een eventuele andere locatie. Want dat we meer ruimte nodig hebben staat vast. "

 

Antiek- en vlooienmarkt

Aan de overkant loopt de Stationsstraat verder waar op zaterdagen van acht uur 's morgens tot vier uur 's middags geen auto's, maar kramen geparkeerd staan. De antiek- en vlooienmarkt van Wyck met haar bonte snuffelwaardige kramen, vormt voor treinreizigers van buiten de stad een leuke entree en passage naar het stadscentrum. Toch zijn het niet deze mensen waar de handel het van moet hebben, want vaak genoeg hoor je kreten als " hoe krijg ik dit nou mee in de trein? " of " het is veel te warm om te sjouwen, dus laat maar ". De meeste handelaren hebben een vast en eigen publiek wat de verplichting met zich meebrengt elke week iets nieuws of iets anders 'op de kraam' te hebben. Ook hier is de tendens te bespeuren dat het de laatste jaren minder wordt, het vinden van voor de handel geschikte curiosa, antiek eist meer kilometers en tijd en doorberekening van de kosten in de vraagprijs. Het ritueel van afdingen blijft echter een geliefde bezigheid voor zowel de handelaar als de klant, niet zelden tot vermaak van het overige publiek dat langzamer slentert of stilstaat om vooral niets te missen van het schouwspel. Want deze markt trekt de meest kleurrijke types van Maastricht, vanwege hun extravagant uitgedoste verschijning of merkwaardig koopgedrag. Soms zelfs een combinatie van beide. De handelaren zijn afkomstig uit Maastricht en Zuid-Limburg, het gros staat er langer dan tien jaar. Om de ziel van deze markt te doorgronden is kijken, kijken en nog eens kijken de eerste en wellicht enige stelregel. De warenmarkt op woensdag en vrijdag is het zorgenkindje met kans op herstel. Voor de marktondernemer betekent dat veelal een gulle lach en verbaasde blikken als het carillon in eigentijdse deuntjes over de Markt klinkt. Misschien dat een combinatie van geluiden uit het Stadhuis de uiteindelijke doorslag geeft. En slaan regelgeving en vrije ondernemersgeest een bres in wat de tand des tijds leek op te werpen.